Op een schitterende locatie in de Auvergne waar u zich terugwaant in de tijd, aan de voet van de Romaanse abdij van Chanteuges waar u kunt logeren 'in La Grande Maison'. Een schitterend gerestaureerd huis gebouwd op een 12de eeuwse kapel met restaurantje en terrassen waar het heerlijk dineren is en u uitzicht heeft op de Desges. In de ochtend de cursus en 's middags na een overheerlijke picknick aan de rivier of boven op de berg alle vrijheid om te relaxen, te wandelen, te zwemmen, kanoën, golfen, of cultuur op te snuiven.Meer over de logies etc. klik hierboven aan deze pagina op de knoppen
1) de cursus schrijven 2013 o.l.v. Elle Eggels
2) verhaal 'de man die woorden verkoopt' van Willem van Vliet docent schrijven 2007 en 2008
3) verslag cursus schrijven o.l.v.Elle Eggels 2005 en enkele verhalen van cursisten
De cursus
De tekst hieronder wordt nog aangepast. Bij vragen over de inhoud van deworkshop gegeven door Elle Eggels kunt u contact met artedu opnemen.
In het Schrijfcursus gaan we aan de slag met personages. U krijgt eenvoudige opdrachten aangereikt waarbij u stap voor stap uw personages ontdekt. Hoe meer het personage zich onthult, hoe meer u zijn of haar verhaal ontdekt. We zijn als Gepetto die uit een stuk pijnboom een pop snijdt. Onze Pinokkio’s gaan ook een eigen leven leiden! Dit is een spannende reis die zowel overgave als techniek vereist. Voor dat laatste krijgt u allerlei oefeningen aangereikt. Op speelse wijze krijgt u bijna ongemerkt inzicht in allerlei schrijftechnische kwesties. U ziet de kwaliteit van uw teksten gaandeweg verbeteren. Voor overgave leert u putten uit uw rechterhersenhelft. In ons dagelijks leven gebruiken wij hoofdzakelijk het linkerbrein. Logisch, analytisch en mathematisch. Rechterbrein denken scherpt de creativiteit aan. Daarvan heeft u blijvend plezier. In dit schrijfatelier zal de rechterhersenhelft u verrassende wendingen en inzichten brengen. Cadeautjes die zomaar op papier vallen! Aan het eind van week presenteert u in relaxte sfeer uw eindwerkstuk. De vorm is afhankelijk van het proces. Uw personage wil zijn verhaal wellicht kwijt in een kort verhaal, maar het kan ook een column worden of een toneeltekst. Dat zal uw personage u wel duidelijk maken. In deze cursusvorm inspireren we elkaar als groep, maar er is ook ruimte voor individuele begeleiding. Het is een luxe om een week lang te kunnen experimenteren. U zult geïnspireerd worden door de nieuwe omgeving, doordat u gaandeweg steeds meer tot rust komt en natuurlijk door het culinair genieten. U zult merken dat al uw zintuigen geprikkeld worden. Zo zullen uw teksten gevoed worden door ervaringen op allerlei niveau. Kortom, dit Schrijfatelier is een cadeau aan uzelf!
Aan dit schrijfatelier kunnen maximaal 8 cursisten deelnemen.
De cursus wordt van maandag tot en met vrijdag gegeven van 09.00 tot 12.30 uur.
2)Verhaal 'De man die woorden verkoopt' Willem van Vliet
Op de hoek van twee straten is een winkeltje. De inrichting houdt het midden tussen een kleine boekhandel en een archivariaat. Het is een woordenwinkeltje. Net als de bakker aan de overkant verkoopt de woordenverkoper veel want de mensen in de stad hebben nu eenmaal woorden nodig en gebruikte woorden moeten weer worden vervangen. De woorden staan netjes in schappen en kasten gerangschikt. Elke ochtend komen de marktkooplieden de winkel binnen. “Hetzelfde recept,” zeggen ze dan tegen de woordenverkoper die de bedoelde woorden voor hen heeft klaarstaan. Daarna komen de politici, die, van welke partij ook, altijd dezelfde woorden kopen zoals 'in principe' en 'de prioriteit'. “Goeiemorgen, weertje vandaag, he?” Dat zijn de abonnement-houders. Een enkele keer komt er iemand binnen die zorgvuldig zijn woorden kiest, maar meestal verlaten de mensen met tassen vol nietszeggende woorden de winkel. Een klein gebogen mannetje sluipt tussen de kasten en schappen, koopt een paar schuttingwoorden die hij schichtig onder zijn jas steekt. Soms komt er een vader of moeder binnen met een kindje dat zijn eerste woordjes krijgt.
Als de notaris veel eerder dan normaal binnenkomt voelt de woordenverkoper dat er die dag iets bijzonders gaat gebeuren. “Zes keer 'notariële acte' en twaalf maal 'echtscheidings-convenant', beste kerel”. En de woordenverkoper heeft een hekel aan de neerbuigende manier waarop hij door de notaris wordt behandeld. “Er zijn er nog maar acht, notaris”. “Ik moet er twaalf hebben”. “Dan moet ik er in de werkplaats bijmaken, notaris. Ik zal ze u snel bezorgen.” “Doe dat, beste man, doe dat en maak voort”. En de notaris verlaat de winkel. De woordenverkoper sloft naar het werkplaatsje achter de winkel. Veel liever maakt hij daar mooie woorden zoals 'waterval' of 'zonnewende', woorden waar hij zo prachtig bij kan neuriën. Die woorden zet hij dan in het lichtbakje naast de aanbiedingen. Maar nu moet hij van die zware woorden maken.
Hij is druk aan het werk als de winkelbel gaat. Hij loopt naar de toonbank en zijn knieën beginnen te knikken. In de deuropening ziet hij haar. De vrouw loopt de winkel in en de woordenverkoper wordt duizelig. De vrouw is prachtig. Ze heeft een open blik met grote groene ogen. Haar lange bruine haar golft mee met haar tred. De woordenverkoper houdt zich vast aan de toonbank. De vrouw loopt zoekend tussen de schappen. De woordenverkoper hoopt dat zij zo snel mogelijk de winkel zal verlaten. Nee, hij hoopt dat zij de winkel nooit meer zal verlaten. Hij wil wegkruipen achter de toonbank, maar het is te laat. De vrouw loopt naar hem toe. Zijn blik treft de hare en hij voelt iets waar hij geen woord voor heeft. Een woord dat hij nog nooit heeft verkocht. Een woord dat hij nog moet maken. De vrouw kijkt naar de woordenverkoper. Haar ogen zien zijn ziel. Hij zoekt vergeefs naar woorden. “Ik wil graag van u het woord 'zonsopkomst' hebben”, zegt de vrouw. De woordenverkoper is blij en hij hoort zichzelf heel kort een melodie neuriën. “Dat woord heb ik niet in voorraad, dat moet ik opnieuw maken”, zegt hij. “Hoeveel tijd heeft u nodig?”, vraagt de vrouw. “O, een uur, nee, een dag, nee, nee, een week, ja, ja, een week”. Hij roept maar wat. “Dat is fijn”, zegt de vrouw, “dan kom ik over een week terug” En zij verlaat de winkel. De woordenverkoper wist zich het zweet van het voorhoofd. Hij sluit de luiken voor de etalage, draait de deur op slot. Daarna hangt hij het bordje 'Wegens omstandigheden gesloten' aan de deur. Hij holt naar zijn werkplaats. Zo snel mogelijk maakt hij het woord 'zonsopkomst'. Daarna gaat hij het speciale woord maken dat hij aan de vrouw wil geven. Hij maakt een heleboel nieuwe woorden. Neuriënd maakt hij een grote stroom prachtige woorden voor deze vrouw.
“Woordenverkoper! Woordenverkoper!” Buiten het winkeltje drommen steeds meer mensen samen. Ze beginnen op de luiken te bonzen, maar de woordenverkoper reageert niet. Hij maakt parmantige woorden, lieve woorden en koosnaampjes voor de vrouw, met schroom maakt hij zelfs een paar vieze woordjes voor haar. Maar dat ene woord, het woord der woorden dat hij nu moet vinden; hij vindt het niet. De eerste dag niet, de tweede dag niet. De hele week niet. Een grote schare advocaten, ambtenaren, onderwijzers en de notaris, de halve stad staat voor het winkeltje. “Woorden, we moeten woorden hebben!” roepen de mensen. Het openbare leven loopt uit de hand. Branden worden niet meer geblust omdat niemand kan zeggen dat er brand is. De mensen moeten verkeerde woorden gebruiken, velen moeten al zwijgen en de dorpsomroeper staat alleen maar drukke gebaren te maken. Het gebons wordt luider en luider. De mensen beginnen aan de deur en de luiken te rammelen. Op de dag waarop de vrouw zal terugkeren komt de woordenverkoper uit het werkplaatsje en sloft naar de deur. “Ja, ja, ja, ja, ja, ja, ik kom al”, roept hij en hij is blij dat hij pas nog zijn voorraad 'ja's' heeft aangevuld. Woedend stormen de mensen de winkel binnen. De woordenverkoper moet eerst een heleboel scheldwoorden verkopen die de mensen meteen tegen hemzelf gebruiken.
Hij moet zelfs een paar woorden gratis meegeven om de mensen te kalmeren, maar hij doet die dag goede zaken want veel mensen kopen ook reservewoorden in. Aan het eind van de dag. Het is bijna sluitingstijd. De winkel is weer leeg. Wanhopig probeert de woordenverkoper nog één keer het woord te vinden.
De deurbel. De vrouw komt binnen. De woordenverkoper houdt zich vast aan de toonbank. Ze is nog mooier dan vorige week. Een glans omgeeft haar gestalte. Ze glimlacht naar hem. De woordenverkoper wil in haar ogen verdwijnen. Het door de vrouw bestelde woord ligt klaar. Ze neemt het pakje aan en ze betaalt. De woordenverkoper wil de speciaal voor haar gemaakte woorden overhandigen, maar hij weet dat dat niet kan zonder het ene woord, het toverwoord dat hij niet heeft. Hij begint te trillen en er komt dikke mist in zijn hoofd. Hij kijkt de vrouw aan. “Ik heb een woordenwinkel... een woordenwerkplaats... een heel leven tussen de woorden en het liefst schenk ik u nu een wonderwoord, maar ik heb het niet”, stamelt de woordenverkoper. “Ik weet het,” zegt de vrouw zacht en kijkt hem aan. En daarop fluistert zij tegen hem het woord dat hij niet kon vinden.
Verslag 'schrijven bij Artedu' 2005 olv Elle Eggels
***
dorpen oud en klein kruidige geuren in je neus dit moet Frankrijk zijn
Haiku's verzinnen is niet moeilijk op de oever van een kristal heldere rivier, wanneer je je ook nog laat bedwelmen door de geur van lavendel en thijm en honderd onbekende kruiden, terwijl je je afvraagt of de bergen nu groen of toch blauw zijn en je soezerig begint te worden van de warme zon en de koele wijn. De woorden, de vergelijkingen en de mooiste beeldspraken komen dan vanzelf naar je toe, je hoeft niet meer te doen dan ze beet te pakken en in je notitieblok vast te houden. Mijn eerste schrijflessen in de Franse Auvergne waren een feest. De cursisten hielden niet op het te zeggen. Zelfs voor mij als docente kreeg het leven weer een heel nieuwe dimensie. Een week lang spelen met woorden, gedachten en gevoelens. Je geeft ze een kleur, je zet ze dik aan of je zet ze flinterdun op papier. Het is net als schilderen of fotograferen, je doet het natuurgetrouw of impressionistisch. Ook de schrijver moet zoeken naar de juiste kleurtoon die moet weergeven wat hij wil vertellen. Ook de beginnende auteur heeft het aanvankelijk moeilijk om klanken en kleuren te mengen tot zijn woorden een interessant beeld opleveren. Ik heb een week lang met mijn cursisten gewerkt aan projecten die de ze thuis al hadden opgezet - wat geen vereiste was. Ze hadden elk hun eigen stijl, de ene moest ik intomen, de ander moest ik porren om wat prozaischer te worden. Aan het begin van de week levert dat nog wat frustraties - ik zag hetzelfde gebeuren in de schilderklas - maar aan het eind van de week begon iedereen aan het gereedschap te wennen. Het is geen kwestie van simpel en hardnekkig doorzetten, het is veel meer op jezelf vertrouwen. Ik geloof dat ik dat mijn cursisten heb kunnen meegeven. De basis van mijn cursus is autobiografisch schrijven. Hoe meer ik dit soort schrijfbegeleiding geef, hoe meer ik er achter kom dat er over de hele wereld gigantische bestsellers liggen, hoeveel levens de moeite waard zijn om er een boek over te schrijven. Deze week heeft weer een paar diamantjes opgeleverd, ik hoop dat ze goed geslepen worden, ik werk er graag aan mee.
Elle Eggels
Verhaal 1 'beroemd, oud, theater'
Een door een panty subtiel glanzend, prachtig gevormd onderbeen, dat uitliep in de welving van een hoge wreef in een dure, hooggehakte schoen, verscheen in de opening van het portier van de zilverkleurige limousine. Kreten van opwinding stegen op uit de menigte. Ze was er, eindelijk! Er verscheen een tweede been en de rest van de vrouw op wie zij allen al zo lang hadden gewacht, werd stukje bij beetje zichtbaar. Met elke centimeter werd de spanning groter, hoorde je adem stokken, als van een snelkookpan waarin de druk langzaamaan werd opgevoerd. Een hand met lange, sierlijke vingers met roodgelakte nagels kwam tevoorschijn. Een gouden ring met een diamant, zo groot alleen de grootsten onder de groten waardig. Eén en al geflonker en geschitter. Vervolgens haar ranke hals en fijn gevormde neus in een roomwit gelaat, omzoomd door de in toom gebrachte golvende lokken van de volmaaktheid van het sterrenrijk. En toen zij eenmaal bevallig uitgestapt was, schreed zij over het rode tapijt van de wereld die voor gewone zielen alleen te aanschouwen was van een afstand en die haar leidde naar de gouden en paarsrode pracht van het ultieme heiligdom. Daar kwamen de grootste beroemdheden tot leven, op de roodbruine planken van het podium, glanzend van de passen van de legendes die hen voorgingen. Ze zweefde bijna naar binnen, gedragen door de aanbidding van haar bewonderaars en wie was dat niet? Net voor ze de van de kroonluchters glinsterende entrée binnenging, slaakte ze een onhoorbare zucht van verlichting. Ze had het wederom zonder kleerscheuren volbracht. Ze keek nog eenmaal om en wuifde sierlijk met haar linkerhand en verdween toen in de tempel van het theater. Daar bleek het nog voller te zijn dan buiten, het leek wel of alle beroemdheden die bestonden zich hier hadden verzameld om haar te aanschouwen. Begeleid door een jongeman, met een glimlach die wel leek vastgeplakt te zijn en haar deed denken aan een masker, ging ze haar weg naar de kleedkamer, die vol bloemen, lichtjes en kostuums op haar wachtte. Ze knikte hier en daar naar enkele bekenden, raakte ergens een arm aan en probeerde zo snel als ze kon, zonder onbeleefd over te komen, haar weg te vervolgen. De hindernisbaan was echter nog niet voorbij. De mensen die als horden op haar pad stonden, wilden allemaal die speciale aandacht van haar, als ongelukkigen snakkend naar een glimp van een verlichte ziel. Ze schudde nog wat handen, wisselde enkele woorden met een paar afgezanten van het koningshuis, struikelde bijna over de sleep van een uitbundige avondjurk en haastte zich toen naar de schaars verlichte gang waar zich de kleedkamers bevonden. Eindelijk was daar de deur met haar naam erop, haar artiestennaam. Ze nam het goudkleurige bordje met de gegraveerde letters, die haar naam vormden, in zich op en voelde zich alsof ze in een film rondliep, waarin zij de hoofdrol bleek te hebben. Ze legde haar hand op de klink en opende de deur naar haar moment van rust, voordat de uitbarsting van artistieke virtuositeit, die zij het hare mocht noemen, zou beginnen. Haar begeleider nam haar even op, knikte en nam zijn plaats in vlak naast de deur, om eventuele nieuwsgierigen buiten te houden en haar privacy te garanderen. Ze sloot de deur, bleef er even tegenaan staan en voelde de moeheid in haar al wat oudere lichaam. Spanning sijpelde als druppeltjes langzaam van haar af. Ze liep naar de grote, met lampjes omlijste spiegel en liet zich op de stoel die ervoor stond, neervallen. Er was even een soort vacuum, alsof niets meer bestond en ze rondzweefde in een grote wattenwolk. Ze slaakte een zucht, opende haar heldergroene ogen en keek in het gezicht van een mooie, jonge vrouw. De vrouw, op haar beurt, keek haar aan met een onbevangen, maar onzekere blik, groen als gras, onwetend van de wereld van glamour en glitter. Ze wist , dat het gevierd zijn haar niet haar veranderd. Ze was nog steeds dezelfde, het angstige meisje dat ze in de spiegel zag. Ze voelde nog altijd de zenuwen door haar lijf gieren als ze langs al die mensen moest en vlak voordat een voorstelling begon, alsof ze voor eeuwig auditie moest blijven doen voor haar droomrol. Ze kneep haar ogen een klein beetje toe en nam zichzelf eens goed op. Langzaam verschenen de lichte rimpels weer in haar gelaat, zag ze de door een visagiste professioneel aangebrachte make-up, haar kristallen oorbellen, haar gave, blinkend witte tanden, haar perfecte coupe, haar volledig gemaakte buitenkant. Wat was er nog van hààr? De trilling in haar middenrif, de adem die ze voelde in haar keurig gestifte mond, het nerveuze getik van haar rechterwijsvinger op de make-uptafel? Al die jaren vol roem, pers, schreeuwende menigtes, mannen die haar adoreerden, vrouwen die haar als haar grootste voorbeeld zagen…..Ze had zich precies zo gedragen als zij gewild hadden, ze had de perfectie ontwikkeld van de ultieme vedette. Bitter realiseerde ze zich, dat ze in dat hele circus één ding vergeten was: zijzelf. In haar zat het kleine meisje, dat ze altijd was geweest, nog steeds. Ze had haar willen doen overschreeuwen met het geluk van de roemrijke wereld van de bekendheden, gehoopt dat ze zou verschrompelen bij al de glorie die er voor haar in petto lag. Ze had zich vergist, zag ze nu. Zij was niet te overschreeuwen, want ze bestond en ze was levend als tien, twintig, dertig jaar geleden en zelfs langer. "Nou," zei ze tegen haar spiegelbeeld, "ik had niet verwacht jou ooit nog tegen te zullen komen."
Ze vonden haar, onderuitgezakt op de stoel, met één arm hangend over de armleuning, levenloos als een lappenpop. Ze had haar make-up weggeveegd en de beginnende lijnen van de ouderdom waren zichtbaar geworden. Haar haren, waar ze de lak uit had weggeborsteld, vielen op een natuurlijke manier over haar schouders. Ze was mooier dan ooit tevoren. Een zachte glimlach lag om haar mond, als de liefdevolle lach van een moeder die haar armen opent voor haar kind.
Verhaal 2 'de P van Plantinga'
geschreven door Anouk Plantinga juni 2005
Ik moet een jaar of negen zijn geweest, toen ik haar op wonderbaarlijke wijze in het vizier kreeg. In haar grote, blauwe auto met de witte caravan erachter. Mijn grootmoeder, op een verlaten weggetje in Frankrijk. Ik was dol op dit soort onverwachte gebeurtenissen en gilde vol vuur naar mijn vader, dat hij moest stoppen. Hoe ik het voor elkaar kreeg om ook de auto van mijn grootmoeder tot stilstand te brengen, kan ik me niet meer voor de geest halen, maar het lukte. Bij het uitstappen keken we elkaar stomverbaasd aan en mijn zusje en ik begonnen te springen van opwinding. Hoe was het mogelijk, dat wij elkaar hier troffen, op dit stille landweggetje, waar de enige andere levende wezens een paar bruingroene hagedissen waren, die wegschoten voor onze voetstappen? We zoenden haar op haar zachte wangen en ondertussen kakelden we allemaal door elkaar heen, totdat het stof van de onstuimige ontmoeting was neergedaald en de rust teruggekomen. Ze zag er moe uit en oud met vettige slierten haar in haar nek en blauwachtige wallen onder haar vermoeide, grijsblauwe ogen. Ze had er genoeg van gehad, vertelde ze, genoeg van de starheid van grootvader. Ze had geen zin meer in zijn zwijgzame protestacties en had in een opwelling haar koffer gepakt en de caravan achter de auto bevestigd. Zo mans was ze wel. Toen was ze er vandoor gegaan, zonder zelfs nog gedag te zeggen. Nou was er wel vaker iets gaande tussen die twee en meestal niet van vrolijke aard. Het leek wel of ze er een sport van hadden gemaakt om de sfeer zo onprettig mogelijk te maken en te houden. Alsof dat het enige was dat ze kenden en er geen benul van hadden dat je het samen ook fijn kon hebben. Zij klaagde steen en been over en tegen hem en ondernam van alles in haar eentje als een opstandig klein kind. Hij had zijn stille, eigenaardige vorm gevonden in het verzamelen van alles wat los en vast zat en stouwde elk hoekje van hun huis ermee vol. Ook trok hij zich, gelukkig lag daar zijn hart, in de tuin, zijn domein, zoals het huis het hare was. Zo waren wij, de mensen om hen heen, de getuigen van hun bizarre samenzijn, als zwijzame toeschouwers die de voorstelling niet begrepen en het lef niet hadden om om opheldering te vragen. We waren dus niet verbaasd, dat het weer hommeles was, maar wél onder de indruk van deze erg radicale actie. Grootvader alleen achterlaten om er met de auto en de caravan vandoor te gaan! Onze reactie bracht enkel triomfantelijkheid bij haar teweeg. Ze rechtte haar rug waardoor ze nog langer leek dan ze al was. Haar gelaatstrekken tekenden zich ineens scherper af. Was het de felle zon, die de contrasten van licht en donker deed versterken of was het haar trots, die haar gezichtsstructuur nog duidelijker deed uitkomen?
We besloten naar een dorpje iets verderop te rijden en bij te praten op het terras van een Café des Sports, waar een paar bepaald niet sportieve oude mannetjes hun glaasje Pastis zaten te drinken. De schreeuwerige kleuren van parasols en de plastic tafelkleedjes staken schril af tegen de doffe, vale tinten van het oude dorpje. Mijn zusje en ik, altijd in voor een terrasje, waren blij met dit uitstapje en verheugden ons op het de geeloranje bubbels in de bolle flesjes Orangina, die voor ons bij het Franse gevoel hoorden, net als de Carambarsnoepjes en de onvergetelijk vieze, gepasteuriseerde melk uit zakken, die je na opening meteen moest opmaken. Eenmaal voorzien van drankjes, warm en koud, raakten de volwassenen aan de praat over hun plannen. Wij kinderen gingen op in ons vloeibare goud dat we door buigrietjes naar binnen zogen totdat mijn aandacht in beslag werd genomen door een kat zonder staart en één oog, waar ik achteraan ging met mijn zusje in mijn kielzog. Slingerend door oude, op het oog verlaten straatjes, die uitkwamen bij een koud stroompje, verloren we de kat uit het oog, gefascineerd door het krioelende waterleven van visjes, schrijvertjes en wonderlijke beestjes die in een soort kokertjes huisden. We poedelden wat rond in het water tot het geroep van ons bekende Nederlandse stemmen ons weer terugbrachten bij het terrasje. Daar vroegen mijn ouders mij hoe ik het zou vinden om een weekje met grootmoeder mee te gaan. Dat ze mij vroegen en niet mijn zusje, lag voor de hand. Zij hing meestal als een pasgeboren baby aan mijn moeder en kon letterlijk ziek worden van heimwee, terwijl dat woord in míjn vocabulaire niet voorkwam. Ik was een avonturier en zodra de gelegenheid zich voordeed, nam ik de benen op zoek naar nieuwe ervaringen en interessante wezens, groot of klein, mens of dier, dat maakte me niet uit. Met grootmoeder en de caravan op pad? Ja, waarom niet? Dat was weer eens wat anders dan het beige, katoenen tentje delen met mijn zusje die lek werd gestoken door de muggen die mij blijkbaar geen lekker hapje vonden, tot mijn vreugde. Bovendien vond ik het ook wel een beetje zielig, mijn grootmoeder zo alleen en ik wilde haar best gezelschap houden zodat ze misschien wat vrolijker zou voelen. Een weekje in de caravan sprak mij wel aan. Dus werden mijn spullen, na het bespreken van wat praktische zaken, door mijn moeder overgeheveld van de ene naar de andere auto- mijn vakantietas die al bij me hoorde zolang ik me kon herinneren, een slap geval waar je spullen in gingen zwerven. Hij was groenbruin, die van mijn zusje goudkleurig en mijn vader had een rode. Het Tina-vakantieboek moest natuurlijk mee en mijn onderwegtas met wat spelletjes en een pakje sap en een zakje met nootjes, rozijnen en dropjes. Ook mijn slaapzak werd overgeladen en ik sloeg het met enige trots gade. Misschien zal ik het best spannend gevonden hebben, maar dat liet ik dan totaal niet merken. Ik had al lang geleden de stoere rol op me genomen, nooit bang, maar zelfstandig en ondernemend. Mijn zusje was precies het tegenovergestelde, alsof het ene aan mij was uitgedeeld bij de geboorte en het andere aan haar. Ik draaide mij om en zwaaide tot de eveneens zwaaiende hand van mijn zusje in de groene Citroën Ami verdwenen was, eerst een vage vlek, toen een stip en toen niets meer, alleen het zwarte asfalt dat trillend overging in de zinderende, hete lucht. Ik hoorde een hond blaffen en keek mijn grootmoeder aan. Ze lachte en reed ervandoor, op weg naar ons avontuur samen.
Irene volgens Anouk. Chanteuges, juni 2005.
Ze rijst op uit de schuimende golven van de woeste zee, die schitterend tussen de groene bergen ligt, traag als een koningin, weelderig als een godin, mooi als een nimf. Haar naam is Floretta de la Mar. Vrouwe van het paradijs, hoedster van de hof van Eden. Waar zij haar voetstappen achterlaat, veranderen ze in geurige bloemen. Haar golvende bruine lokken, gouden huid en deinende dijen doen elke man de adem benemen en begeerte in hen opwekken. Ze lokt ze binnen in haar hof met haar sprankelende lach en lonkende zachtbruine ogen. Haar zoete geur doet ze bedwelmen en in hun betovering volgen ze haar waar zij maar wil. Eenmaal binnengesloten in haar vochtig schemerende vrouwendomein verschijnt de wilde, donkere vrouw die in haar schoot leeft. Genadeloos slaat zij toe en verzwelgt ze van top tot teen. In die ene kwetsbare seconde, blijft er niets meer van ze over, enkel de liefde.
logies, omgeving, data/prijzen klik op de knoppen bovenaan deze pagina